De verovering van de eilanden

Staatssecretaris Raymond Knops op werkbezoek in Curaçao / ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

Staatssecretaris Raymond Knops op werkbezoek in Curaçao / foto minBZK

Het Papiaments kent het beeldende gezegde: sali fo’i panchi kai den kandela. Letterlijk: van het pannetje in het vuur terechtkomen. De Nederlandse tegenhanger: van de regen in de drup, van kwaad tot erger. Het is een voorspelling die menigeen maakt sinds duidelijk werd wat Nederland aan eisen bij Aruba, Curaçao en Sint-Maarten neerlegde. De landen worden weer een kolonie. Staatssecretaris Raymond Knops als boegbeeld van de gemoderniseerde West-Indische Compagnie op veroveringstocht.  Was dat maar waar!

door Aart G. Broek, in Antilliaans Dagblad, 18 juli 2020.

mr. Jaime Saleh - portret door Scott E. Bartner - 2002

mr. Jaime Saleh – portret door Scott E. Bartner – 2002

Nederlanders zijn niet te vertrouwen; op een gegeven moment zullen ze je een oor aan naaien. Deze beeldvorming wordt aardig gevangen in dit gezegde. Tur piská  tin wesu, ma ta makambí ta karga fama. Alle vissen hebben graten, maar de vissoort makambí (die veel graten heeft) draagt de slechte naam. Wie de naam heeft, krijgt de daad.
          Een graat om bijna in te stikken, is gemakkelijk te vinden. Herinner je je nog het ‘verraad van De Vries’? Ik doel op de jaren rond de afgelopen eeuwwisseling. Na de immense inspanningen van premier Miguel Pourier en zijn ministers- en ambtenarenteam om orde op zaken te stellen, werd hem door Nederland ingewreven dat er toch nog wat tekortkomingen waren. Zodoende konden de toegezegde gelden niet worden uitgekeerd. De Nederlandse bewindsman Gijs de Vries liet Pourier – met op de achtergrond gouverneur Jaime Saleh – als een baksteen vallen. De Nederlandse Antillen – die bestonden toen nog, zij het zonder Aruba – was jarenlang een wortel voorgehouden om achteraan te ploeteren.

BOETEDOENING / Pourier stond met lege handen voor zijn eigen bevolking. Hij werd als de zondebok de woestijn ingestuurd om te boeten. Zijn partij – Partido Antia Restrukturá (PAR) – moest het bij de volgende verkiezingen flink ontgelden. De Antillen en Nederland kregen vervolgens met de familie Godett vandoen. Uit deze familie zou Anthony G. uiteindelijk enige tijd in de gevangenis verblijven. Zonder de last van bestuurlijke ervaring en kennis nam vervolgens zijn zus de taak van eerste minister op zich. Het werk van Pourier werd dan ook ten dele weer teniet gedaan.
                Nog datzelfde decennium trok Nederland het boetekleed aan. Met de herschikking van de koninkrijksrelaties per 10.10.10. werden uitstaande schulden van de Antillen bij Nederland alsnog kwijtgescholden. Het betrof bedragen die de achtergehouden somme gelds ten tijde van Pourier ruimschoots overtroffen. De wil om elkander bij te staan, zoals het Statuut dit vermeldt, had uiteindelijk tastbaar invulling gekregen.
                Met die wil werd er nog een les geleerd uit het schofferende handelen van De Vries. Dat leren nam weer een decennium, maar Nederland begrijpt inmiddels dat je mensen geen wortel moet voorhouden, maar tijdens het belastende werken juist moet voeden. Ook daar heeft het Papiaments een aardig spreekwoord voor: Bo a mara buriku na palu, bo mester dun’é kuminda. Wanneer je een ezel aan een paal bindt dan moet jij hem wel voedsel geven.

Hiermee is natuurlijk niet gezegd, dat de eilandbewoners ezels zijn, die zich hebben laten vastbinden door Nederland. Het spreekwoord wijst op verantwoordelijkheid of, in termen van het Statuut, de wil elkander bij te staan. Nederland biedt dan ook direct schenkingen en leningen tegen zeer voordelige tarieven aan. De behandeling van Pourier mag bar en boos zijn geweest, Nederland heeft een lesje geleerd. Bij de uitvoering van de zware taken die deze corona-jaren gerealiseerd moeten worden, wordt ervoor gezorgd dat er tegelijkertijd gegeten kan worden.

WIJ – ZIJ / Bovendien komt het moederland met een container aan zaden, stekkies en plantjes, d.w.z. een Caribische Hervormingsentiteit met honderden miljoenen aan investeringsgeld, kennis en controlemechanismen. Deze zijn bedoeld voor de op- en uitbouw van de economie, voor – bij wijze van spreken – de aanleg van een hòfi met fruitbomen, een moestuin en een drupsysteem. Dat gaat niet een twee drie, vandaar dat de Hervormingsentiteit er zeven jaar zal kunnen zijn. Ook daar hebben we een Papiamentstalige wijsheid voor. Pasenshi ta un bon yerba, pero ta lástima ku e no ta krese den tur hòfi. Met geduld kun je veel bereiken, maar niet iedereen kan dat opbrengen. In het Koninkrijk groeit geduld de pan uit.
                Er is nog een les geleerd door Nederland, waarschijnlijk betreft het hier de belangrijkste les. In tegenstelling tot ezels, stoten Nederlanders zich meestal wél twee maal aan dezelfde steen en dikwijls nog vaker. Hiertoe hoef ik geen Papiamentstalig spreekwoord neer te leggen, maar de verleiding is te groot: No firma karta ku bo no a lesa, ni bebe awa ku bo no a mira. Teken geen brief die je niet gelezen hebt, drink geen water waarvan je niet weet waar het vandaan komt.          
          Het Nederlandse equivalent is: die op geen strikken let, zit welhaast in het net. Nederland leest de brief niet, drinkt water uit onbekende bron, zat bijgevolg verstrikt in het net. Wat de bedoelingen van Nederland ook mogen zijn, het ‘geven’ wordt onvermijdelijk – en overal in de wereld – fundamenteel anders ervaren dan het ‘ontvangen’. Het ontvangen heeft een vernederend aspect waar Nederland onvoldoende en dikwijls helemaal geen rekening mee heeft gehouden. Het ontvangen pakt dan ook zo vaak schaamtevol uit.
                De afgelopen eeuwen hebben de eilanden grotendeels aan de kant van ‘ontvangen’ gezeten, meer in het bijzonder in de vernederende positie van het afwachten van wat ze konden behouden van wat ze zelf voortbrachten. Eerder heb ik dit het bedelen van onderhorigen genoemd. Daarin is praktisch gezien geen verandering gekomen met het Statuut. Dit zorgt voor een scherpe scheiding tussen ‘wij’ en ‘zij’; aan beide zijden van de oceaan. Ook het afgelopen decennium keken de respectieve Colleges financieel toezicht (Cft / CAft) toe hoe de landen zich redden of juist te gronde richtten, tikten de bewindvoerders op de vingers, zuchtten en schreven weer een rapportage.
          De problemen van de Nederlands-Caribische landen bleven de problemen van die samenlevingen en werden niet doorvoeld de problemen van Nederland. Dat werkt in de hand dat dit spreekwoord gaat rondzingen: klòk ta bati pa tur hende bai misa, e mes ta keda afó. De klok roept allen naar de kerk, maar gaat zelf niet naar de dienst. Door het geluid van de vele Nederlandse affaires van ondeugdelijk bestuur en fraude klinken de klokken dan wel erg vals.

The Sint-Willibrordus church, Curaçao

klòk ta bati pa tur hende bai misa, e mes ta keda afó

WIJ-GEVOEL / In tegenstelling tot voor kort gaat Nederland nu zélf ook naar de kerk. Nederland maakt de problemen waarmee de eilanden kampen nu (eindelijk) ook zijn problemen. Dat maakt het mogelijk voor de eilanden om voorbij de schaamte te stappen (ook wel eergevoel genoemd). Juist dáár zorgt nu de Caribische Hervormingsentiteit voor.
          Je kunt dit als neokolonialisme bestempelen. Knops is weg te zetten als kaperkapitein in dienst van een gemoderniseerde West-Indische Compagnie. Het lijkt mij alle partijen meer te motiveren om een spreekwoord daartegenover te plaatsen, dat we allemaal kennen. Un man ta laba otro, tur dos ta sali limpi. Als de ene hand de andere wast, worden ze beide schoon. Met de oprichting van het zelfstandig bestuursorgaan Caribische Hervormingsentiteit wordt de voorwaarde geschapen om het wij / zij denken en handelen te ondergraven en te vervangen door de groei naar een exclusief wij-gevoel. Jullie problemen zijn onze problemen.
          De groei van een wij-gevoel neemt tijd, maar komt er langzaam maar zeker wel degelijk. Hier is een verwijzing naar de ontwikkelingen op Bonaire, Saba en Sint-Eustatius in relatie tot Nederland op zijn plaats. Zoek er zelf een spreekwoord bij.

WIN-WIN / En over zeven jaar? Wanneer er een levensvatbaar hòfi is ontstaan, gaan we dan weer over tot de orde van de afgelopen vijfenzestig jaar? Wel eens een verwaarloosd hòfi bezocht? Niets zo troosteloos. Die verwaarlozing willen we niet weer. Na zeven jaar vervolgen we dan ook die samenwerking op structurele basis en breiden die uit naar alle sectoren van de samenleving.
Het is zaak om verder te kijken dan de komende zeven jaren. De eilanden hebben de gelegenheid om te kiezen voor structurele inbedding in Nederland, opdat de hòfi’s vruchten blijven geven en het goed vertoeven is op de eilanden. De keuze voor die inbedding op structurele basis ligt er overigens nu al: de status van gemeente en, bij voorkeur, tezamen met de andere eilanden die van provincie. Dat is mogelijk nog een stap te ver.

Het voorstel van die ‘kaperkapitein’ Knops biedt alle partijen de mogelijkheid om te wennen intensiever en warmhartiger dan ooit met elkaar om te gaan. Doe je voordeel met het ‘neokolonialisme’ van Nederland. Nanzi di ku Sese: tur kos ta un purbamentu. Wie waagt, die wint.

Serie KONINGKRIJKSRELATIES

Spinvertellingen in Papiaments- en Nederlandstalige editie, 2005

Voor deze beschouwing heb ik gebruik gemaakt van 2000 Proverbio I ekspreshon / Spreekwoorden en gezegden / Proverbs van Renée Hendrikse-Rigaud (1994). Een indringende kijk op ‘het verraad van De Vries’ is te vinden in Miguel Pourier; Leven om te dienen van Bernadette Heiligers (2016). 

Dit is de vijfde aflevering in een serie over mogelijkheden en beperkingen van de huidige koninkrijksrelaties en van het alternatief om als gemeente in Nederland bij elkaar aan te schuiven; eerder verschenen ‘Eilanden als bedelende horigen van Nederland’, Antilliaans Dagblad, 17 april; ‘Stoutmoedig afrekenen met koloniaal verleden’, Antilliaans Dagblad, 8 mei; ‘Antilliaanse wraak zal zoet (kunnen) zijn’, Antilliaans Dagblad, 25 mei; ‘Eilandelijke eigenheid veiligstellen’, Antilliaans Dagblad, 12 juni.

Dit bericht is geplaatst in Nederlands-Caribische eilanden: verleden & heden, Nieuws met de tags , , , , , . Bookmark de permalink.

2 reacties op De verovering van de eilanden

  1. Fred de Haas schreef:

    Prima stuk

  2. Rita Rahman schreef:

    Hier sta ik achter. Geen herhaling van zetten, maar uit ervaring stappen vooruit zetten met het oog op WIN-WIN.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *